Puntenrijbewijs beginnend bestuurders

Het puntenrijbewijs is bedoeld voor beginnende bestuurders die herhaaldelijk ernstige, niet-alcoholgerelateerde verkeersfouten maken. Juridisch is het ook geen puntenrijbewijs, maar een beginnersrijbewijs. Dit deel van de maatregel beginnende bestuurder valt binnen de vorderingsprocedure onder het rijvaardigheidstraject (onderzoek naar de rijvaardigheid). De andere component van de maatregel beginnende bestuurder ziet op beginnende bestuurders die rijden onder invloed van alcohol. Kern daarvan is dat beginnende bestuurders die zich schuldig maken aan dit delict eerder in aanmerking komen voor een maatregel van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) dan ervaren bestuurders die rijden onder invloed van alcohol. Dit deel van de maatregel beginnende bestuurder valt binnen de vorderingsprocedure onder het geschiktheidstraject (onderzoek naar de rijgeschiktheid).

Voorgeschiedenis puntenrijbewijs

Op 1 oktober 2014 is het voorheen geldende 3-puntensysteem aangescherpt naar een 2-puntensysteem (Stcrt. 2014, 14542). Op grond van het overgangsrecht blijft het 3-puntensysteem echter van toepassing op beginnende bestuurders die vóór 1 oktober 2014 al één of meer punten op hun naam hadden staan. Dit geldt ook voor beginnende bestuurders die pas op of na 1 oktober 2014 een eerste punt hebben gescoord, mits de pleegdatum van het betreffende feit ligt vóór 1 oktober 2014.

Puntenrijbewijs voor beginnend bestuurders

De maatregel beginnende bestuurder richt zich in de eerste plaats op het door beginnende bestuurders herhaaldelijk niet of niet op de juiste wijze naleven van bepaalde in de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011 genoemde verkeersregels of verkeerstekens.

De maatregel geldt als een persoon als beginnende bestuurder, dus binnen een termijn van vijf respectievelijk zeven jaar na afgifte van zijn eerste rijbewijs, tenminste twee maal één of meer van de in de regeling genoemde overtredingen heeft begaan. Hij moet hiervoor onherroepelijk zijn veroordeeld, ten aanzien van hem moet een onherroepelijk geworden strafbeschikking zijn uitgevaardigd of hij moet een transactie hebben voldaan. Indien de strafzaak op één van deze wijzen is afgedaan, is er sprake van een “punt”. Punten worden door het Openbaar Ministerie geregistreerd in het Register Overtredingen Beginnende Bestuurders (ROBB).

Alleen bij Nederlandse rijbewijzen en in Nederland woonachtige personen met buitenlands rijbewijs

Het puntenrijbewijs voor beginnende bestuurders is niet alleen van toepassing op houders van Nederlandse rijbewijzen, maar ook op houders van buitenlandse rijbewijzen. Voor houders van buitenlandse rijbewijzen geldt echter wel een aanvullende voorwaarde: zij moeten op het moment waarop de afdoening van de strafzaak onherroepelijk wordt, in Nederland woonachtig zijn (woonplaatsvereiste). Is aan deze voorwaarde niet voldaan, dan kan geen punt worden geregistreerd in ROBB. Aangezien de houder van een buitenlands rijbewijs op de pleegdatum nog niet in Nederland woonachtig hoeft te zijn, hoeft de politie met deze aanvullende voorwaarde geen rekening te houden bij de aanlevering van zaken.

Ook puntenrijbewijs bij bromfiets (AM)

Sinds de invoering van het bromfietspraktijkexamen op 1 maart 2010 kan het puntensysteem ook worden toegepast op beginnende bestuurders met een rijbewijs voor uitsluitend de categorie AM. Dit was tot die tijd niet mogelijk wegens het ontbreken van rijvaardigheidseisen voor die categorie. Sinds 1 maart 2010 kunnen houders van een rijbewijs voor uitsluitend de categorie AM echter ook punten krijgen, indien zij als beginnende bestuurder één van de in de regeling genoemde feiten begaan. Dit laat onverlet dat voor de categorie AM géén geschiktheidseisen gelden.

Criteria puntenrijbewijs – onderzoek naar de rijvaardigheid

De in de regeling genoemde feiten die een strafpunt opleveren voor het puntenrijbewijs zijn:

  1. overtreding van artikel 5 WVW 1994: zich zodanig gedragen dat gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd;
  2. overtreding van artikel 6 WVW 1994: zich zodanig gedragen dat een aan zijn schuld te wijten verkeersongeval plaatsvindt waardoor een ander wordt gedood of waardoor een ander zwaar lichamelijk letsel wordt toegebracht of zodanig lichamelijk letsel dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van de normale bezigheden ontstaat;
  3. overtreding van artikel 19 RVV 1990: niet in staat zijn het voertuig tot stilstand te brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is (kleven);
  4. overtreding van de artikelen 20, 21 en 22 RVV 1990: ernstige snelheidsovertredingen (d.w.z. snelheidsovertredingen die in de Tekstenbundel voor misdrijven, overtredingen en Muldergedragingen zijn aangemerkt als *-feit);
  5. overtreding van artikel 62 juncto bord A1 of A3 van het RVV 1990: ernstige snelheidsovertredingen (d.w.z. snelheidsovertredingen die in de Tekstenbundel voor misdrijven, overtredingen en Muldergedragingen zijn aangemerkt als *-feit);
  6. overige overtredingen van het RVV 1990: het niet op de juiste wijze naleven van verkeersregels dan wel verkeerstekens, indien daarbij letsel aan personen is ontstaan of schade aan goederen is toegebracht. NB: het gaat hierbij om aanrijdingen waarvoor ingevolge de Handleiding verkeersongevallen proces-verbaal wordt opgemaakt.

Uitsluitingen:

Muldergedragingen zijn uitgesloten van de in de regeling genoemde feiten. Bovendien mogen de relevante overtredingen niet op kenteken zijn geconstateerd. Het gaat er immers om dat vaststaat dat de beginnende bestuurder de desbetreffende overtreding heeft begaan.

Voor de duidelijkheid wordt opgemerkt dat alcoholdelicten niet meetellen in het kader van het puntensysteem voor beginnende bestuurders. Deze feiten vallen onder het geschiktheidstraject (onderzoek naar de rijgeschiktheid).

Een beginnende bestuurder kan per feitencomplex maar één punt krijgen. Indien een beginnende bestuurder tijdens één rit twee of meer van de hiervoor genoemde feiten begaat, is het dus niet de bedoeling dat na onherroepelijke afdoening van die feiten evenzoveel punten worden geregistreerd. Dit geldt ook indien de feiten worden afgedaan onder verschillende parketnummers. De gedachte achter het puntenrijbewijs voor beginnende bestuurders brengt immers mee dat een beginnende bestuurder de kans moet krijgen om van zijn fouten te leren.

Onderzoek naar de rijvaardigheid

Wanneer twee maal één of meer van de bovengenoemde feiten zijn afgedaan met een onherroepelijke veroordeling, een onherroepelijke strafbeschikking of een transactie – ook ná de periode van vijf respectievelijk zeven jaar, mits het feit is gepleegd binnen die periode van vijf respectievelijk zeven jaar – volgt een mededeling van het Openbaar Ministerie aan het CBR.

De geselecteerde verkeersdelicten geven, indien herhaaldelijk gepleegd door beginnende bestuurders, zodanig reden om aan de rijvaardigheid te twijfelen, dat het rijbewijs wordt geschorst en een onderzoek naar de rijvaardigheid wordt ingesteld. Dit onderzoek behelst een met het reguliere examen vergelijkbare theorie- en praktijkproef. Blijkt hieruit voldoende rijvaardigheid, dan vervalt de schorsing en mag het rijbewijs weer worden gebruikt. Is de uitslag van het onderzoek negatief, dan wordt het rijbewijs ongeldig verklaard. Om een nieuw rijbewijs te verkrijgen, zal opnieuw een regulier theorie- en praktijkexamen moeten worden gedaan.

> Meer informatie onderzoek naar de rijvaardigheid

Eventuele samenloop met EMG

Niet uitgesloten is dat het puntenrijbewijs voor beginnende bestuurders samenloopt met de Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG). Dit geval doet zich voor, indien dezelfde overtreding zowel leidt tot een EMG als tot een tweede punt in het kader van het puntensysteem. In deze situatie heeft het CBR de bevoegdheid om te beslissen welke maatregel wordt opgelegd. De politie hoeft dus geen rekening te houden met een mogelijke samenloop en kan in voorkomend geval zowel een proces-verbaal opmaken als een EMG-mededeling insturen.

Deel deze paginaShare on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden